Terug naar de natuur en andere romantiek

In de stiltecoupé van de sneltrein tussen Utrecht en 's-Hertogenbosch ving ik gisteren het volgende, wel heel bijzondere telefoongesprek op:

[“Hans? Goedemorgen Hans, bel ik gelegen? Ja, met mij..      Hans?

Slecht nieuws; de Hemelbegrafenis, die gaat er niet komen,  H…       ..Ja.. ik weet het.

Hans? Ja, ik merk dat dit koud op je dak valt, of niet? Echt zonde van al ons voorwerk, maar goed, we wisten dat het geen gelopen zaak was. ..ja.. . het was een risico. Ze wilden er niet aan Hans. Ze vonden het niet bij de Nederlandse uitvaartcultuur passen. Wat? Nee, de staatssecretaris voornamelijk.

..Hans..   Hans…   wind je niet zo op alsjeblieft, je preekt tegen de bekeerlingen. Naast jou is er geen grotere voorstander van de Hemelbegrafenis dan ik, Hans!

Maar we moeten wel realistisch zijn, denk ik. Het Tibetaanse gedachtengoed schiet geen wortel in deze Nederlandse klei. En om heel eerlijk te zijn, Hans, het idee van zo’n majestueuze vale gier die dan neerdaalt vanuit de hemelen, dat maakt mensen een beetje huiverig. En hier in Nederland zijn er geen gieren. Dan kom je toch al gauw in het domein van de buizerd, de raaf, de zwarte wouw en Vlaamse gaai en dat bekt niet zo lekker, Hans. “Na afronding van de riten uit het Tibetaans Dodenboek komen – vóór zonsopkomst – de meeuwen en de scholeksters in grote getale om uw resten te nemen en te verspreiden.” De mensen willen het niet.

Wat zeg je?.. Nee, Hans, de minister stond ook niet echt te springen! Die is protestants, je weet wel hoe dat gaat. Nee, ik kreeg de handen niet op elkaar.

Hij vertelde me trouwens dat wij mensen van medicijnen aan elkaar hangen en dat dat helemaal niet zo goed is voor het milieu. Het schijnt dat 99% van de Indiase gieren is uitgestorven, Hans. Door Diclofenac in de voedselketen. Een ontstekingsremmer die aan het vee wordt gegeven. Diclofenac...  Hans,..  nee     Dí…   ..Dí-clo-fe-nac!…   ..Ja. Daar kunnen die vogels helemaal niet tegen, blijkt. Ja, in de Pyreneeën ook al. Dramatisch.

Hans, we hebben het geprobeerd, gegokt en verloren. Tijd voor mijn plan B zeg ik. Hans…      Hans.. Plan B…   Hans! ..Echt, serieus! Communicatie met jou per telefoon is onmogelijk wanneer je zo boos bent!  Kom op man, we hebben een kansje gewaagd, gegokt en verloren! Maar nu verder!”

(meerdere reizigers in de coupé manen de spreker geërgerd tot stilte).

(fluisterend nu:) “Ik .. Ik hoor je heel slecht Hans. Oké…. Ik begrijp het. Oké, nou, plan B: De natuurbegraafplaats. Dit plan kan niet misgaan want in tegenstelling tot jouw Hemelbegrafenis valt dit plan binnen de contouren van de wet. Let op:

We kopen een stuk grond met agrarische bestemming. Wat doet dat tegenwoordig? € 5 per vierkante meter? Nou, we zoeken een investeerder om ons dat voor te schieten. Idealiter is dat perceel in de natuur gelegen maar wij zoeken onze doelgroep op! We gaan letterlijk onder hun neuzen zitten met onze natuurbegraafplaats. Wat zeg je? Ja, precies; als Mozes niet naar de berg komt dan moet de berg maar naar Mozes komen. We worden schathemeltje rijk!

Dus, we kopen een stuk agrarische grond midden in de Randstad en realiseren daar onze eigen natuurbegraafplaats. Exact..  Exact.. die Brabantse bossen die laten we lekker voor de Brabo’s. In Gelderland ligt de Provincie dwars en in de andere provincies, .. daar woont niemand. Nee, de Randstad, dáár moeten we wezen.

Want de Randstedelijke mens, die is het contact met de natuur volledig verloren! De Randstedelijke mens, Hans, die snakt naar een terugkeer tot de natuurlijke cyclus. Die mensen snakken naar het niet direct zintuiglijk waarneembare, de authenticiteit en het oorspronkelijke. Hebben een afkeer van het rationele en de kille wetenschappelijke benadering van het leven. Melk van de koe in plaats van uit de fabriek, Hans. Emotie in plaats van ironie! Sturm und Drang in plaats van verbittering en decadentie! Wat die mensen nodig hebben is een laatste rustplaats waar ze in alle rust, omringd door de natuur, terug kunnen keren in de moederschoot. Dat hebben ze verdiend. Nee, daar hebben ze recht op!

Oké, Hans; we kopen dus die percelen hartje Randstad. We hogen de boel op en we beginnen daar in die opgehoogde, kale polder onze natuurbegraafplaats. We geven er graven voor onbepaalde tijd uit, boom erop….   wat zeg je? Welnee, Hans! Tegen de tijd dat daar problemen van komen zijn wij er allang niet meer. Tenminste, niet in de Randstad.

Jij bent dan denk ik al per Hemelbegrafenis door de lammergieren van de Nepalese Himalaya over de aarde verspreid. Ikzelf slijt dan mijn laatste dagen als herdertje uit Arcadië voor mijn rieten-daken-huisje nabij een van de vele watervallen in een van de vele Brabantse bossen. Ik speel panfluit terwijl ik – gelegen op een matras van papiergeld, maar verder geheel opgaand in de natuurlijke cyclus en geheel CO2-neutraal – voor onbepaalde tijd de auto’s met dagjesmensen groet.

Laat het even op je inwerken, Hans; een natuurbegraafplaats. Denk er even over na, ouwe projectontwikkelaar van me, we spreken elkaar snel.

Joe…    ja, jij ook!….           Groetjes!”]

De stilte keerde weer in de coupé; mijn blik kwam te rusten op de voorbijglijdende weilanden buiten, waar prachtig roodbont vee de trein nastaarde. Wat is er gebeurd met nut en noodzaak? Waarom worden principes verloochend voor het snelle geld? Terwijl ik via de spiegeling in de ruit de telefoonspreker tegenover me in me opnam, besloot ik om mijn werkveld – nog sterker dan voorheen – onafhankelijk, oprecht en met de blik op de lange termijn tegemoet te treden. 


Mark van Haren is als adviseur werkzaam binnen het ruimtelijke domein; het vakgebied van de lijkbezorging, gericht op beleidsvraagstukken, regelgeving, cultuurhistorie en exploitatie. Iedere maand verschijnt op deze site een blog van zijn hand.